“Bouwen in het groen kan de ecologische kwaliteit van dat gebied bevorderen”, stelt Rob van Hilten, beleidsadviseur volkshuisvesting van het Bestuur Regio Utrecht. De Vechtkrant had een gesprek met hem om de visie van het BRU te horen op de alarmerende cijfers rond het woningtekort in deze regio. Hieronder zijn relaas.
Over het feit dat we te maken hebben met een blijvend woningtekort
is iedereen het wel eens, daar bestaat geen discussie over. Even een paar
cijfers: de ambitie van het BRU is om van 2005 tot 2015 zo’n
52.500 woningen te bouwen. Voor de periode 2015 tot 2030 staan 41.000 woningen
gepland. Totaal gaat het dan dus over 93.500 woningen. We weten allemaal dat
het niet makkelijk is om dit soort planningen
inderdaad te realiseren. Daarvoor spelen teveel factoren mee die je zelf niet
in de hand hebt. Maar zelfs als we deze aantallen weten te realiseren dan
zitten we in 2030 volgens de prognoses toch nog met een woningtekort van een
kleine tien procent, hetgeen gelijk staat aan 30.000
woningen. Waarom blijven we toch tegen zo’n groot
tekort aanlopen? Daar zijn een aantal oorzaken voor aan te wijzen. We hebben in
deze regio te maken met een snel groeiende economie. Dat trekt uiteraard mensen
aan die hier komen werken en dus ook willen wonen. Het gaat om dusdanige aantallen
dat de uitbreiding van de woningvoorraad daarmee geen gelijke tred kan houden.
Dan hebben we ook nog eens te maken met een extra toestroom van studenten. De kamernood
is weliswaar sterk aan het afnemen, maar na hun studie blijven veel van die
studenten in Utrecht wonen omdat hier nu eenmaal, vooral in de kennissector,
veel werkgelegenheid is en je ook nog eens lekker centraal zit. Dat zijn dan
ook nog vaak alleenstaanden of tweeverdieners, die relatief meer ruimte innemen
dan gezinnen. Voeg daarbij het groeiende aantal files rond de stad, waardoor
het voor veel mensen die hier werken aantrekkelijk wordt om zich in de stad of
regio te vestigen, dan wordt wel duidelijk dat het voldoen aan de woningvraag
een gevecht tegen de bierkaai lijkt.
Landschappelijk bouwen
Maar hopeloos is het in onze ogen niet. Er zijn nog veel gebieden
die niet bebouwd zijn en waar mogelijkheden liggen om kwaliteit aan het gebied
toe te voegen. Ruimte kan bijvoorbeeld gevonden worden in het gebied tussen de
knooppunten Oudenrijn en Lunetten: de A12-zone. Uit een recente studie blijkt
dat je daar mogelijk ongeveer 10.000 woningen zou kunnen realiseren,
bijvoorbeeld door de A12 op die plek te ondertunnelen. Maar naar mijn mening
zijn er ook nog mogelijkheden om ‘in het groen’ te bouwen. Bouwen in het groen
kan de ecologische kwaliteit van een gebied bevorderen. Zorgvuldige ontwikkeling
van zowel woningen en groen kan ertoe leiden dat er meer landschapskwaliteit
ontstaat, doordat er meer variatie en diversiteit wordt aangebracht. En ook
biedt het mogelijkheden om recreatieve kwaliteit toe te voegen, bijvoorbeeld
door de aanleg van fietspaden. Er is een vermeend ruimtegebrek, maar je moet
wel uiterst zorgvuldig zijn met de wijze waarop je bouwt. In stedelijke
gebieden kan je compact bouwen en vaak ook de hoogte in. Ook daarvoor zijn nog
veel mogelijkheden. In het groen moet toch eerder aan landschappelijk wonen
worden gedacht, zoals de bedoeling is voor de polder Rijnenburg. Als we alleen
heel compact bouwen in het groen, krijgen de critici gelijk die zeggen dat
bouwen in het groen altijd een aantasting is van het groen. Als je het anders
doet win je juist kwaliteit op beide fronten.
Gezamenlijke inspanning
Ik zie dus wel degelijk mogelijkheden om het tekort op een
aanvaardbaar niveau te brengen, want ruimtelijk gezien zijn er nog voldoende
mogelijkheden. Maar als BRU kunnen we het niet alleen. De provincie zal op
korte termijn aan moeten geven hoe ze met de economische groei om wil gaan en
welke locaties voor bebouwing benut kunnen worden. Ook van het Rijk zijn we
voor een belangrijk deel afhankelijk. Zaken als bedrijfsverplaatsingen en infrastructurele
maatregelen, zoals overkoepeling van delen van een snelweg kosten veel geld,
dat wij niet op de plank hebben liggen. Pas als voldoende duidelijk is welke mogelijkheden
ons geboden worden hebben we er goed zicht op in hoeverre onze ambities realistisch
zijn of bijgesteld moeten worden. Maar bij een gezamenlijke inspanning van
Rijk, provincie en de BRU-gemeenten hoeft het
woningtekort in deze regio geen onoplosbaar probleem te zijn.
(PH)
Reacties:
Plaats hier uw reactie: