Succes- en faalfactoren in de herstructurering
Creëer kansen voor de huidige bewoners
Welke factoren zorgen er voor dat een
herstructureringsproces succesvol verloopt? Die vraag staat centraal in een
onderzoek dat door Stade Advies is uitgevoerd. Op donderdagmiddag 19 april
presenteerde onderzoeker dr. Ellen van Beckhoven de
resultaten van het onderzoek aan professionals uit de stedelijke vernieuwing.
Volgens Ellen van Beckhoven
vergroot vooral een verbetering van de samenwerking tussen gemeente, corporatie
en projectontwikkelaars de kans op een succesvolle herstructurering. Daarnaast
leidt ook een verbetering van de participatie van bewoners tot winst op dit
terrein. Dat deze conclusies niet tot vernieuwende inzichten leiden wordt door
Van Beckhoven onderschreven. Zorgwekkend is wel dat
we niks doen met de kennis die we al bezitten. Blijkbaar is de praktijk
weerbarstiger dan de theorie.
Gevoel van urgentie
Jozet
van Sloten is als beleidsmedewerker betrokken bij de herstructurering van het
Amsterdamse stadsdeel Osdorp. Volgens haar is het van belang dat er een
gezamenlijk gevoel van urgentie is bij alle betrokkenen. De noodzaak voor
verbetering moet door alle partijen gedeeld worden. Dat is een goede basis om
verder met elkaar samen te gaan werken. Wat je vooral niet moet doen is je ten
doel stellen de bevolkingssamenstelling van een wijk te veranderen. Dan zeg je
eigenlijk tegen de bewoners dat ze weg moeten. Wat je wel moet doen is kansen
creëren voor bewoners die er wonen.
Perspectief voor bewoners
Pieter Buisman,
gebiedsmanager in ondermeer Overvecht, ondersteunt de gedachte dat er perspectief
geboden moet worden aan de zittende bewoners. Het gaat dan niet alleen om de
fysieke aanpak, maar ook om een gelijktijdige sociale aanpak. In gesprekken met
de bewoners moeten de wensen van die bewoners geïnventariseerd worden. In
Overvecht gaat dat gebeuren in een zogenaamd ‘woonkansenonderzoek’.
Op basis van die uitkomsten moet er geïnvesteerd gaan worden in jeugd,
leefbaarheid, veiligheid, werk en gezondheid.
Draagvlak
Mariëtte Hanekamp,
procesmanager stadsontwikkeling in Den Haag, vertelt dat de herstructurering in
Den Haag goed verloopt. De gemeente, corporaties en projectontwikkelaars hebben
gezamenlijk de noodzaak tot verbetering onderkend. Ze stellen het gezamenlijke
belang om de wijk te verbeteren boven hun individuele belangen. In Den Haag wordt
gewerkt met een model met meerdere niveaus. Er zijn visies en plannen op
stedelijk niveau, op stadsdeelniveau, op wijkniveau en op complexniveau. Om de
plannen op complexniveau uit te kunnen voeren is draagvlak van een meerderheid
van de bewoners noodzakelijk. Tot nu toe is het nog niet voorgekomen dat het
benodigde draagvlak niet behaald werd.
Ron Onverzaagt,
directeur van Mitros Wonen Utrecht, vraagt zich af
wat het voor een plan op wijkniveau betekent als er op complexniveau
onvoldoende draagvlak is voor de aanpak van de woningen. Om met dergelijke
situaties om te kunnen gaan is een bepaalde mate van flexibiliteit in het
plannen op hogere niveaus noodzakelijk. Als die flexibiliteit maximaal is
gebruikt en er bestaat nog steeds geen overeenstemming over de plannen moet de
politiek zich uitspreken over de ontstane situatie.