Zelfstandigheid is voor ouderen erg belangrijk, ook als zij met lichamelijke beperkingen te maken krijgen. Zij wonen liever in makkelijk toegankelijke woningen met voldoende zorgaanbod dan in een verzorgingstehuis. Uit een recent onderzoek naar wonen, zorg en welzijn in de provincie Utrecht blijkt dat er een groot tekort is aan dit soort woningen en aan zorg op maat. Wat betekent dit voor ouderen in de praktijk van alledag? De ouderenbonden en een ouderenadviseur aan het woord.
Door het tekort aan
geschikte woonruimte wonen veel ouderen nog in het huis waar ze vroeger met het
hele gezin hebben gewoond. Vaak zijn dit ruime eengezinswoningen. 'Ouderen zijn
vaak heel creatief en goed in het verleggen van grenzen', zegt
Idelette Sleurink, werkzaam
als ouderenadviseur in Vleuten, De Meern, Haarzuilens en Leidsche Rijn.
'Voor veel ouderen wordt bijvoorbeeld het trappenlopen of zelfstandig douchen
steeds moeilijker. Ze lossen dit op door niet meer zo vaak naar boven te gaan,
minder te douchen of een tuinstoel in de douche te zetten. Dit kan echter niet
voorkomen dat het eigen huis steeds meer hun "vijand" wordt.
Ook dhr. Battenberg van het Cosbo,
de belangenvereniging van alle Utrechte ouderenbonden, signaleert dit probleem.
'Ouderen kunnen zo'n groot huis niet meer bijhouden. Het schoonmaken wordt een probleem. Tegenwoordig is het ook
niet eenvoudig om huishoudelijke hulp te vinden.'
Ondanks de problemen waar ze dagelijks tegenaan lopen, vinden ouderen het volgens
Sleurink lastig om hulp te vragen. 'Hulp vragen en
accepteren is moeilijk. Het geeft je een gevoel van afhankelijkheid. Je kan niet meer zelf bepalen wanneer je dingen doet. Je moet
wachten tot de ander kan en dan moet je ook nog blij en dankbaar zijn dat er
iemand komt.' Een ander probleem is dat veel ouderen niet weten welke
mogelijkheden er allemaal zijn. 'Daarover geef ik advies. De ouderen bepalen
zelf wat ze daarmee doen. Belangrijk is dat ze de regie over hun eigen leven
houden.'
Verhuizen ingrijpend
In het rapport Woon-zorg-welzijn: behoefteontwikkeling en aanbod in
gemeenten 2003-2020 van de provincie Utrecht wordt gesteld dat ouderen steeds
meer thuis willen blijven wonen. Sleurink betwijfelt
dit. 'Men blijft wel thuis wonen, maar dat is lang niet altijd een vrije keuze.
Ik begrijp dat de overheid het wel graag zo wil zien, want dat maakt het
probleem een stuk kleiner. De reden is echter dat er onvoldoende mogelijkheden
zijn om door te stromen.'
Battenberg stelt dat het voor ouderen nogal ingrijpend
is om te verhuizen. 'Ze zullen dat alleen doen als ze ook inderdaad een
kwaliteitssprong kunnen maken. Naar een woning dus die beter aansluit bij hun
behoeften.'
Wat ouderen over het algemeen willen is een gelijkvloerse woning met eigen
voorzieningen als douche en toilet en met minimaal twee kamers. De woningen
moeten dichtbij voorzieningen gelegen zijn. 'Oudere mensen zijn vaak minder
mobiel en daardoor meer aangewezen op de buurt. Dit maakt het belangrijk dat
winkels, een activiteitencentrum en gezondheidsvoorzieningen op loopafstand
zijn'.
Zowel Sleurink als Battenberg
verwachten niet dat veel ouderen nog in een
verzorgingshuis willen wonen. Ze stellen dat in ieder geval zo lang mogelijk
uit. 'Zelfstandigheid staat bij ouderen hoog in het vaandel', aldus Battenberg.
Meer bouwen
De oplossing voor het
tekort aan geschikte woningen ligt vooral in het realiseren van meer nieuwbouw.
In de praktijk blijkt dit niet zo eenvoudig te zijn. De woningbouwproductie
ligt ver achter op schema. Daarbij speelt volgens Battenberg
ook het probleem van de kwaliteit. 'Binnen het Cosbo
discussiëren wij over de vraag of we genoegen moeten nemen met minder kwaliteit
om zo sneller het tekort aan woningen op te lossen. De meningen verschillen
hierover. We zijn daar nog niet uit.' In ieder geval vindt hij het de hoogste
tijd dat de politiek daadwerkelijk iets gaat doen aan het oplossen van het
tekort. 'Het blijft tot nu toe bij signaleren. Aangezien de meeste ouderen geen
…tig jaren meer voor zich hebben, zou dit tekort voor hen wel eens levenslang
kunnen worden.'
Sleurink meent dat de nieuwbouw zo moeizaam van de
grond komt omdat er veel partijen bij betrokken zijn, zoals woningcorporaties,
projectontwikkelaars en gemeente. Bovendien is het met de hoge grondprijzen moeilijk
om goedkope woningen te bouwen. Ze vindt het belangrijk dat ouderen meer
inzicht krijgen in de oorzaken. 'Tot nu toe is er veel te weinig informatie.
Ouderen weten daardoor niet waar ze aan toe zijn. Dit maakt ze machteloos en
afhankelijk.'
Zorg op maat
Behalve aan geschikte
woningen neemt in de toekomst ook de behoefte aan zorg en welzijnsdiensten
verder toe. Sleurink is voorstander van een andere
visie op zorg. 'Uitvoerenden in de zorg moeten meer
vrijheid krijgen om die dingen te doen waar de klant behoefte aan heeft. Nu
richten ze zich vooral op - zoals ik dat noem - wassen, plassen,
boenen en schrobben. Veel ouderen willen ook graag een keer naar de winkel, een
stukje wandelen of op bezoek bij de kinderen. Alleen kunnen ze dat niet. Ze
zouden daar graag hulp bij krijgen en het niet erg vinden als de ramen dan een
keer minder worden gelapt. Tot nu toe is de zorgindicatie veel te weinig op dit
soort sociale aspecten gericht.
Een andere 'zorg' van Sleurink is dat
welzijnsdiensten het kind van de rekening worden. Voor allerlei activiteiten
die zijn gericht op ontmoeting is vaak geen geld. Terwijl dat ouderen helpt om
contacten te leggen en een sociaal netwerk op te bouwen. 'En dat is juist zo
essentieel om je prettig te voelen', benadrukt ook Battenberg.