NieuwsVechtkrantVraagbaakLinksIngezondenDeze siteZoeken

 
Archief 2005 Utrecht Vernieuwt!
Archief 2005 Herstructurering
Archief 2005 Huurbeleid
Archief 2005 Woningtekort
Archief 2006 Utrecht Vernieuwt!
Archief 2006 Huurbeleid
Archief 2006 Herstructurering
Archief Wijkgericht werken
Archief 2007 Herstructurering
Archief Wonen, zorg en welzijn
Archief 2007 Utrecht vernieuwt!
Archief Woningtekort
Corporaties & leefbaarheid
Archief 2009 Huurbeleid
Archief Energiebesparing
Archief Bewonersorganisaties
Archief 2008 Herstructurering
Archief 2008 Woningtekort
Archief Woningverdeling
Woningbouw en kredietcrisis







 
Home > Nieuws > Dossier Archief > Archief Woningverdeling  > 'Laat passendheidseisen vervallen'

Werkgroep woonruimteverdeling, 1 maart 2004

Werkgroep wil keuzevrijheid bij woonruimteverdeling vergroten

'Laat passendheidseisen vervallen'

Een werkgroep van corporaties en gemeenten wil de passendheidseisen voor het toewijzen van een woning laten vervallen. Dat betekent dat er geen inkomenseisen worden gesteld voor het toewijzen van een goedkope woning, en dat een klein huishouden zich ook voor een grote woning kan opgeven.


Reacties

·  Uitslag stelling over woningtoewijzing

·  RHB kritisch over voorstellen werkgroep



De Werkgroep Woonruimteverdeling Utrecht bestaat uit vertegenwoordigers van de gemeente Utrecht, de Utrechtse en regionale woningcorporaties, de Provincie, het BRU en WoningNet. De werkgroep woonruimteverdeling formuleert voorstellen voor een mogelijke wijziging van het systeem van woonruimteverdeling. Zij informeert gemeenten, corporaties en bewonersorganisaties tussentijds over haar vorderingen, om de uitgangspunten van de werkgroep breder bespreekbaar te maken. Deze uitgangspunten betreffen een denkrichting met basisprincipes, die nog getoetst zullen moeten worden aan de opvattingen van andere betrokkenen en aan de provinciale regels.

De Werkgroep ziet - net als Provincie Utrecht - de gehele provincie als één woningmarkt en wil de keuzevrijheid van de woningzoekenden zo groot mogelijk te laten zijn. Op grond van de voortdurende schaarste zal echter wel voor het gehele woningmarktgebied een bindingseis worden gesteld. Ook heeft de werkgroep een voorkeur voor een "aanbodmodel". Daarmee kan men beter zicht hebben op de woningbehoefte en over een mogelijkheid beschikken om iets te kunnen "sturen". Bij de keuze voor een aanbodmodel worden andere mogelijkheden voor een gedeelte van het aanbod niet uitgesloten. Zo kan bijvoorbeeld een gedeelte van het aanbod via loting worden verdeeld of een gedeelte via een optiemodel.

Toelating/Inschrijving

De werkgroep is de opvatting toegedaan dat de toelating tot de woningmarkt (bindingseis) geschiedt op basis van inschrijving. Daarbij geldt als uitgangspunt dat inschrijving moet leiden tot toewijzing. Er kunnen na inschrijving geen extra eisen worden gesteld. Indien een woningzoekende voldoet aan de inschrijfcriteria dient de inschrijving op enig moment te leiden tot een toewijzing, ook al zal dat mogelijk enige tijd duren. Er kunnen in de opvatting van de werkgroep geen extra eisen worden gesteld, die de feitelijke toewijzing uitsluiten. Wel worden er toewijzingscriteria gehanteerd.

Toewijzingscriteria

Bij het huidige systeem wordt gebruik gemaakt van verschillende toewijzingscriteria. Daarbij gaat het om de verhouding tussen het inkomen en de huurprijs van de woning; de huur-inkomentabel, de grootte van het huishouden in verhouding tot het aantal kamers van de woonruimte; woonbezetting/huishoudensgrootte en de leeftijd. De werkgroep is van mening dat de dynamiek op de woningmarkt sterk wordt vergroot als er zo weinig mogelijk regels en beperkingen zijn. Dit heeft tevens tot gevolg dat de eigen keuze voor woonruimte gevolgd kan worden. De huidige criteria zijn in de werkgroep besproken. Dat heeft de volgende uitgangspunten opgeleverd;

Huur-inkomen

Er zal in het nieuwe systeem geen gebruik meer worden gemaakt van een huur-inkomentabel. Binnen de grenzen van het Huursubsidiebeleid kan iedere woningzoekende reageren op de beschikbare woonruimte, ongeacht de huurprijs. Zo kunnen woningzoekenden uit verschillende inkomensgroepen uit vrijwel het gehele woningbestand kiezen.

Bij discussies over dit punt komt vaak naar voren dat dit zal leiden tot een groter beslag op de huursubsidie. Inmiddels is uit evaluaties uit andere woningmarktgebieden (KAN-gebied en Castricum e.o.) gebleken dat het loslaten van dit criterium leidt tot:

  • minder aanvragen voor IHS, maar per aanvraag wel een hoger bedrag
  • bevordering van de heterogeniteit van de wijken en buurten
  • er geen verdringing van de doelgroep van beleid optreedt
  • verkorting van de wachttijd voor verschillende groepen oplevert

De werkgroep vindt het van groot belang dat de lage inkomensgroepen ('doelgroep van beleid') even veel kans heeft om een woning toegewezen te krijgen als andere groepen woningzoekenden. Indien uit monitoring zou blijken dat deze groep wordt verdrongen, dan moeten er mogelijkheden zijn om tijdelijk andere maatregelen te treffen.

Woonbezetting/huishoudensgrootte

In het nieuwe systeem zal geen gebruik meer worden gemaakt van het criterium woonbezetting/huishoudensgrootte. Ieder woningzoekende kan reageren op de beschikbare woonruimte, ongeacht de omvang van het huishouden en het aantal kamers van de woonruimte.

Bij discussies over dit punt komt vaak naar voren dat daardoor eenpersoonshuishoudens een vier of zelfs een vijfkamerwoning kunnen betrekken. Dat is inderdaad mogelijk. Ook wordt vaak gezegd dat een huishouden van meer dan zes personen dan kan kiezen voor een eenkamerwoning. In dergelijke situaties kan de verhuurder weigeren een overeenkomst te sluiten. Indien er problemen zouden ontstaan bij de huisvesting van grote huishoudens zal ad hoc een oplossing worden gezocht. De afgelopen vier jaar bleek in de stad Utrecht de behoefte aan grote woningen voor grote huishoudens gering te zijn (11 huishoudens).

Vervolgstappen

De Werkgroep verwacht binnenkort een concreet voorstel te doen voor een ander systeem van woonruimteverdeling. Met dat voorstel willen zij stimuleren, dat er een brede discussie ontstaat op basis waarvan de huidige systematiek kan worden gewijzigd. Via het gebruikelijke overleg over woonruimteverdeling zal er dan over deze voorstellen een besluit genomen kunnen worden.

Lees verder:

·  Volledige brief Werkgroep Woonruimte Utrecht, 1 maart 2004 (Word-document)

·  Brief start Werkgroep, 27 november 2003 (Word-document)

 

 

 
Home | Print | Colofon | Contact | StadeAdvies